Home / Kennisbank / Aandachtspunten huisvesting jongvee

Aandachtspunten huisvesting jongvee onder zes maanden

- Niet overal krijgt de huisvesting van jongvee onder de zes maanden voldoende aandacht. Wanneer we het hebben over huisvesting van deze groep dieren moeten we denken aan onderdak, voldoende luchtverversing zonder tocht en een droge ligplek.

Een strohok is droog genoeg wanneer je knieën na een minuut in het stro nog droog zijn.

Bart Dijkgraaf

Een goede start

Het kalf is de melkproducent voor over 24 maanden. Een goede start is daarom erg van belang. Mede door de regelgeving wordt er streng geselecteerd op het aanhouden van jongvee. We kunnen ons dan ook geen misstappen in de opfok veroorloven. Naast een goede en uitgebalanceerde voeding is het van belang dat de kalveren een goede huisvesting aangeboden krijgen. Van separate huisvesting in eenlingboxen of iglo’s naar groepshokken op stro en daarna op rooster en jongveeligboxen. Hiervoor is in eerste instantie voldoende ruimte nodig. Onvoldoende ruimte heeft tot gevolg dat er concessies gedaan worden, zoals dieren te vroeg doorschuiven naar hetvolgende hok, te snel afbouwen van de melkgift en te grote leeftijdsverschillen in een groep. Dit heeft invloed op de ontwikkeling en groei van het dier.

Klimaat

De huisvesting van jongvee van onder de zes maanden dient apart van de melkkoeien en het oudere jongvee plaats te vinden. Het klimaat waarin deze dieren gehuisvest worden vergt een heel ander management. De dieren hebben voldoende verse lucht nodig, maar niet in de hoeveelheden als bij de oudere dieren. Bij een verkeerd klimaat gebruiken kalveren veel energie om zichzelf warm te houden en steken deze energie niet in ontwikkeling en groei. Ook hebben we in de melkstal vaak te grote windsnelheden waardoor eerder hoest en griep ontstaat. Het is raadzaam om de ruimte waar de jongste kalveren gehouden worden te isoleren om teveel temperatuurverschillen te voorkomen.

Huisvesting

De huisvesting van pasgeboren kalveren start met het individueel huisvesten van deze dieren. Dit kan bijvoorbeeld in eenlingboxen of in iglo’s. Hierdoor is er minder besmettingsdruk en de controle op opname van voer en water/ melk is veel beter. Zorg voor 10% meer eenlingboxen of iglo’s om eventuele geboortepieken op te kunnen vangen en voldoende voorraad te hebben bij het reinigen van de huisvesting. Wanneer het mogelijk is zorg dan dat de huisvesting van de pasgeboren kalveren dicht bij de ruimte is waar de melkkoeien afkalven. Een pasgeboren kalf weegt toch al snel ruim 40 kilo en is veelal glad en beweeglijk. Een korte looplijn naar de eigen huisvesting is hier dan wel zo makkelijk.

Groepshok

Nadat de dieren de eerste 14 dagen individueel gehuisvest zijn kunnen ze in een groepshok op stro. Er kan dan gebruik worden gemaakt van een kalverdrinkautomaat. Maak groepen in stro het liefst niet te groot. Een groep van zes tot acht dieren per hok is optimaal. Dit vergemakkelijkt de controle en houdt de infectiedruk laag. In deze groepshokken is het handig om een zogenoemd microklimaat te kunnen realiseren. Dit creëren we door het achterste gedeelte van het hok van boven en aan de zijkanten dicht te maken, waardoor een soort iglo ontstaat met zijn eigen tochtvrije klimaat. Hier kunnen de kalveren onder liggen in een microklimaat. Dit microklimaat zorgt voor een geringe luchtverplaatsing in een hogere temperatuur. Zorg voor een schone en droge ligruimte voor deze kalveren. Strooi op tijd schoon en droog stro bij. Aangezien deze dieren nog relatief klein zijn en nog niet heel veel vocht opnemen en uitscheiden kan het stro doorlopen tot aan het voerhek. Dit geldt voor dieren tot circa drie maanden. Dieren die ouder zijn hebben meer ruimte per dier nodig.

Meer water

Dieren vanaf circa drie maanden nemen meer ruwvoer op en hebben daardoor ook meer water nodig. Zorg dat dit voldoende beschikbaar is. Dieren vanaf acht weken nemen tweeënhalve kilo krachtvoer en twee tot drie kilo droge stof uit hooi op. Ze hebben dan veel water nodig. Door de hogere opname van vocht scheiden ze dit ook weer uit, want deze dieren zijn alweer ouder. Daarom is het aan te raden om het strogedeelte niet door te laten lopen tot aan het voerhek. Zorg voor een afvoer van urine achter het voerhek. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een kelder met jongveeroosters.

Geleidelijke overgang

Om de overgang naar ligboxen niet te groot te maken kunnen de ligboxen ingestrooid worden met stro. Voor een soepele overgang is het verstandig eerst te spenen en minimaal 14 dagen later pas de huisvesting aan te passen. Wanneer ze van stro naar roosters met ligboxen gaan en daarnaast ook nog gespeend worden, dan zou dat teveel stress geven een terugval in de groei betekenen.

Uitmesten

Bij het gebruik van strohokken komt onvermijdelijk het moment dat de hokken uitgemest moeten worden. Dit is vaak niet de meest favoriete klus, dus is het slim om ervoor te zorgen dat dit zoveel mogelijk machinaal kan. Dit vergemakkelijkt niet alleen het werk, maar zorgt er ook voor dat het eerder gebeurt. Werk waar je niet echt op zit te wachten schuif je namelijk toch makkelijker voor je uit.

Gerelateerde artikelen

Deze website maakt gebruik van cookies

Alle websites van De Heus Voeders gebruiken cookies en vergelijkbare technieken. We gebruiken functionele cookies om ervoor te zorgen dat onze websites goed en veilig werken en analytische cookies om u de best mogelijke gebruikerservaring te geven. Marketingcookies worden geplaatst om u gepersonaliseerde sector relevante informatie te tonen in plaats van algemene.

Als u op ‘Akkoord‘ klikt, stemt u in met het plaatsen van alle cookies. Of klik op de knop ‘Verander uw cookie-instellingen‘ om uw voorkeuren te wijzigen.


Lees het cookiebeleid van De Heus Voeders voor meer informatie over cookies.