Stagiaire in de Spotlight: Julia Vriens
Internationale ontwikkelingskansen voor Nederlandse legpluimveehouders in Midden- en Oost-Europa
Julia Vriens is derdejaarsstudent Veehouderij aan de HAS in ’s-Hertogenbosch. Tijdens haar stage bij De Heus voerde zij een uitgebreid marktonderzoek uit naar de legpluimveehouderij in Hongarije, Slowakije en Tsjechië. De legpluimveesector is haar niet vreemd. Naast haar studie werkt ze bij leghennenbedrijf Van Lierop in Heusden (gem. Asten) en haar vader, Rob Vriens, is pluimveedierenarts.
Uit haar onderzoek blijkt dat de legpluimveesector in Hongarije, Slowakije en Tsjechië veel ontwikkelingsmogelijkheden biedt, maar tegelijkertijd wordt geremd door een gebrek aan kennis en kapitaal. Juist daar liggen kansen. Niet alleen voor de regio zelf, maar ook voor Nederlandse legpluimveehouders.
Veel potentie, beperkte middelen
De legpluimveehouderij in Midden- en Oost-Europa bevindt zich in een andere ontwikkelingsfase
dan in Nederland. De sector kent een grote diversiteit aan bedrijven: naast moderne, grootschalige bedrijven die vergelijkbaar zijn met of zelfs groter dan die in Nederland, zijn er ook kleinere bedrijven of bedrijven die werken met oudere systemen. Tegelijkertijd groeit de vraag naar eieren en zijn de randvoorwaarden voor uitbreiding in veel gevallen gunstiger dan in Nederland. Volgens Julia zit het grootste verschil niet zozeer in ambitie, maar in de mogelijkheden die ondernemers hebben.
“Wat me opviel in Midden- en Oost-Europa, is dat veel ondernemers willen groeien en verbeteren,” vertelt ze. “Maar het ontbreekt vaak aan toegang tot actuele kennis en aan financiële middelen om investeringen te doen.”
Een kans voor Nederlandse ondernemers
Daarmee ontstaat een interessant contrast met Nederland. Nederlandse legpluimveehouders hebben de afgelopen jaren over het algemeen goede resultaten behaald en beschikken over veel kennis en ervaring.
Tegelijkertijd lopen zij steeds vaker tegen grenzen aan: uitbreiden of investeren in het eigen bedrijf is niet altijd mogelijk door regelgeving, ruimtegebrek of vergunningstrajecten.
Volgens Julia laten de onderzochte landen zien dat internationale investeringen een aantrekkelijk alternatief kunnen zijn. “Voor Nederlandse ondernemers die willen blijven investeren, maar dat niet meer in Nederland kunnen, biedt deze regio kansen. Door kapitaal en kennis te combineren met lokale bedrijven kun je bijdragen aan ontwikkeling, zonder zelf dagelijks in het buitenland actief te hoeven zijn.”
De Heus kan hierin een verbindende rol spelen door niet alleen voer te leveren, maar ook kennis, begeleiding en marktinzicht. Zo ontstaan samenwerkingen die gericht zijn op langetermijnontwikkeling en wederzijds voordeel.
Leren in de praktijk
Tijdens haar stage kreeg Julia veel ruimte om zelfstandig te werken en haar eigen onderzoek op te zetten. De internationale focus van De Heus maakte indruk.
Terugkijkend zou ze een stage bij De Heus zeker aanraden aan andere studenten. “Collega’s willen je graag vooruit helpen en je krijgt de kans om jezelf te ontwikkelen, inhoudelijk de diepte in te gaan en tegelijkertijd een internationaal perspectief op de agrarische sector te krijgen.”
De presentatie van haar onderzoek werd binnen De Heus enthousiast ontvangen. Haar onderzoek laat zien dat de toekomst van de legpluimveehouderij niet stopt bij landsgrenzen. Met de juiste combinatie van kennis, kapitaal en samenwerking liggen er volop kansen, zowel voor groeiende markten in Midden- en Oost-Europa als voor ondernemers en jonge professionals in Nederland.
Wil jij ook stage lopen bij De Heus?
Neem een kijkje op onze vacaturepagina