Lang leve de leghen

28 december 2012
-
3 minuten

Moderne leghennen houden een hoge productie steeds beter vol. Hun legpersistentie is hoog. Hierdoor is het financieel interessant om de legronde te verlengen. Albert en Flip de Groot houden de leghennen daarom zonder te ruien zo lang mogelijk in productie.

Albert de Groot begon ooit als melkrundveehouder in Overijssel. Nu heeft hij met zijn zoon Flip een leghennenbedrijf met 58.000 dieren in Grootegast (Gr). De overstap van koeien naar pluimvee vond hij geen probleem. ‘Het komt allemaal op hetzelfde neer’, zegt hij. ‘Je wilt de dieren goed laten produceren en dat doe je door ze goed te verzorgen en te voeren. Bij een leghen is dat niet anders dan bij een koe.’ In hun streven naar steeds betere resultaten richten Albert en Flip hun pijlen op de levensduur van de leghennen. ‘Daar zitten nog grote mogelijkheden’, zegt Richard Bos, de specialist Legpluimvee van De Heus, die het bedrijf begeleidt. ‘De erfelijke aanleg voor productie bij een langere levensduur is de laatste jaren flink verbeterd. Normaal gesproken gaan hennen tot een leeftijd van 78 weken mee. Inmiddels is 84 weken bij witte rassen goed haalbaar en er zijn bedrijven die nog verdergaan. Het legpercentage kan op deze leeftijd dan nog steeds boven de 80 procent zitten.’ Uit de berekeningen die Flip en Richard hebben gemaakt, blijkt glashelder dat er financieel voordeel te behalen valt met het langer aanhouden van hennen. Zes weken langer aanhouden levert € 0,17 per hen, per jaar extra op. Omgerekend naar 58.000 leghennen is dit bijna € 10.000,-.

Nog langer

Waarom worden de hennen niet altijd langer aangehouden? Flip moet er een beetje om lachen. ‘Dat gaat zomaar niet’, zegt hij. ‘Tijdens de legperiode worden de hennen minder. De productie en vooral de ei-kwalliteit nemen geleidelijk af. De schaal wordt dunner en er zijn meer tweede soort eieren. Op een gegeven moment loopt de productie zover achteruit dat het voordeel van oudere hennen omslaat in een nadeel. Je moet dus op het omslagpunt de hennen vervangen.’

Als de eikwaliteit goed blijft zijn oude hennen rendabel

Vroeg bestellen

Het moment dat de oude hennen worden geruimd, wordt al vroeg vastgesteld. Albert en Flip moeten de jonge hennen een half jaar voor levering bestellen. Ze moeten dus op de leeftijd van 60 weken schatten hoelang het aanwezige koppel nog rendabel kan produceren. ‘We kunnen niet precies zeggen hoelang een koppel het goed blijft doen. Dat is per koppel verschillend. Een sterk en gezond koppel blijft lang op een hoog niveau’, zegt Albert. ‘Door een IB of een warme periode kan de productie snel afnemen. Omdat we zo vroeg nieuwe hennen bestellen, zijn we er dus niet zeker van het goede vervangingsmoment.’ Ook de markt voor eieren en hoe je uitkomt in het seizoen spelen een rol bij het bepalen van het tijdstip van levering van de jonge hennen.

Op rolletjes

Bij het laatste koppel is alles op rolletjes verlopen. De hennen waren gezond en produceerden goed. Op de leeftijd van 81 weken hebben de witte Lohmann Classic-hennen 394,1 eieren POH gelegd, waarvan 1,1 procent tweede soort. Het totaal aantal kilogram eieren bedroeg 23,8 met een voederconversie van 2,12. Ook de totale uitval tijdens de legperiode was laag: 4,4 procent.

Voer op maat

Hennen lang aanhouden is alleen gunstig voor het rendement als ze goed blijven produceren. ‘Het belangrijkste is dat je ze goed voert en verzorgt’, zegt Albert. ‘Met de voeding kunnen we veel sturen’, vult Richard aan. ‘Met Fit! Voer op maat passen we bij De Heus het voer aan naar de wensen van de hen en pluimveehouder. Zo kunnen we voor ieder ras, iedere leeftijd en iedere omstandigheid het optimale voer verstrekken. Met een betere voeding en verzorging kunnen Albert en Flip stap voor stap de eindleeftijd van de hennen verhogen en hun rendement verbeteren.’ In november kregen Albert en Flip nieuwe hennen in de stal. Ze hopen dat deze het weer zo goed zullen volhouden. ‘Een half jaar voordat ze weggaan is het moment dat we de vertrekdatum kiezen’, zegt Flip ‘Dat is dus over ruim een jaar. Ik hoop natuurlijk dat deze hennen het weer beter doen dan de vorige koppel.’